16. okt, 2015

The Catlins

Op het Zuiderlijkste puntje van het Zuider eiland liggen the Catlins verdeeld over de regio's Otago en Southland. Het is een uitgestrekt  schilderachtig gebied waar maar weinig toeristen van op de hoogte zijn. Het is een nog niet ontdekt stukje nieuw zeeland waar ook maar weinig mensen wonen.

Ook hier waren de eerste bewoners Maori's, zij leefde van de jacht op de Moa ( een grote planten eter), toen de Moa bijna uitgestorven was trokken de meeste Maori's hier weg. Pas rond 1800 kwamen de walvisvaarders hier aan land en bouwden hun dorpen, nog wat later kwam de houtkap hier op gang, en werd dit de grootste handelswaars. Vandaag de dag is de landbouw, visserij en het ecotoerisme het waar de mensen hun geld mee verdienen.

Als je als toerist naar The Catlins gaat, trek er dan een paar dagen voor uit om alles te kunnen zien. Je maakt een tocht over de kustroute, deze tocht gaat grotendeels langs de woeste kust en kronkelende wegen maar ook door dichte bossen. In de bossen staan nog boomsoorten die over zijn uit de oerbossen.
Soms zul je offroad moeten rijden omdat niet alle wegen geasfalteerd zijn.


Ten zuid westen van Balclutha ( stad met ongeveer 4000 inwoners die aan de Clutha rivier ligt) ligt Nugget Points, deze kaap torend op zijn hoogst 130 mtr boven de zeespiegel uit en op het uiterste puntje staat de oudste vuurtoren van Nieuw Zeeland, deze stamt uit 1870.
Hier leven verschillende zeedieren zoals, pelsrobben, zeeolifanten en zeeleeuwen. Bij Roaring bay is een observatiehut, van daaruit kun je de yellow-eyed penguin spotten.

Je hebt er ook de Parakaunui Falls, deze waterval stort zich tussen enkele terrassen in de diepte. Hij bestaat uit 3 etage's.  Deze watervallen zijn de meest gefotografeerde van nieuw zeeland.
Ook heb je de Mclean Falls, deze zijn zeker net zo mooi en bijzonder als de Parakanui falls alleen iets minder groot.

Kortom voor de natuur liefhebber is dit echt een must om te zien.